Deze week in Panorama van de zorg: Doctor on demand voor iedereen

TromboVitaal en Vital10 zijn voorbeelden van e-health waarmee patiënten onder andere zelf hun gezondheid managen en op afstand door een arts of e-coach begeleid worden. Mede-oprichter Sabine Pinedo verwacht dat e-health sterk zal groeien, mede omdat het vanaf 2018 vergoed gaat worden.

Sabine Pinedo, internist-vasculair geneeskundige, richtte een Zelfstandig Behandel Centrum in Nederland op: het Medisch Centrum Arterium. Het is de proeftuin van de verschillende innovaties die vervolgens landelijk worden uitgerold. Ze startte er eveneens TromboVitaal, een online trombosedienst met een e-healthportaal waar patiënten leren over trombose en antistolling, waarin ze hun waarden bijhouden en via een beveiligde chat een dokter kunnen consulteren. Daardoor hoeven ze minder naar de kliniek te komen en heeft Pinedo tijd voor uitgebreide consulten met patiënten die dat nodig hebben. “TromboVitaal is ontstaan vanuit mijn verbazing over het gebrek aan kennis bij patiënten over hun aandoening. Door goede voorlichting en begeleiding op afstand verwachtten we dat het aantal complicaties zou afnemen. Dat is gelukt: we zagen, na onderzoek met Achmea en haar data, een reductie van veertig procent.” Lees hier verder.

Hoe korter je slaapt, hoe korter je leeft

Slaap is één van de tien risicofactoren van Vital10. Rachel Cooke legt in de Guardian uit wat het belang is van slaap en gaat in gesprek met vooraanstaand neurowetenschapper Matthew Walker.

Matthew Walker is in de loop der jaren huiverig geworden voor de vraag: ‘Wat doe jij voor werk?’ Op feestjes is voor hem de lol er dan wel af; als hij antwoord geeft op die vraag komt hij de rest van de avond niet meer van zijn gesprekspartner af. In een vliegtuig betekent het meestal dat Walker, terwijl de andere passagiers lekker naar een film kijken of een thriller lezen, uren achtereen salon houdt voor zowel medepassagiers als bemanning. ‘Ik hang steeds vaker een leugentje op,’ zegt hij. ‘Serieus. Ik zeg gewoon dat ik dolfijnentrainer ben. Dat is voor iedereen beter.’

Walker is slaaponderzoeker. Om precies te zijn: hij staat aan het hoofd van het Center for Human Sleep Science aan de University of California, in Berkeley, een onderzoeksinstituut met de – wellicht onhaalbare – doelstelling om alles aan de weet te komen over het belang en de effecten van slaap voor de mens, van geboorte tot dood, in goede of slechte gezondheid. Het is dan ook geen wonder dat mensen aan zijn lippen hangen. Naarmate werk en vrije tijd steeds meer in elkaar overlopen, kom je nog maar zelden iemand tegen die zich níét druk maakt over slapen. Maar we kunnen nog zo serieus kijken naar de wallen onder onze ogen, de meeste mensen hebben maar bar weinig verstand van zaken – en misschien is dat wel de werkelijke reden dat Walker niet meer aan onbekenden vertelt wat hij voor werk doet.

Slaaptekort-epidemie

Wanneer Walker over slapen begint, kan hij zich er niet met een gerust geweten toe beperken om op zachte toon geruststellende mededelingen te doen over kamillethee en een warm bad. Hij is ervan overtuigd dat er een ‘catastrofale slaaptekort-epidemie’ is uitgebroken, waarvan de gevolgen veel ernstiger zijn dan wij ons nu kunnen voorstellen. Deze ontwikkeling kan alleen worden doorbroken wanneer de overheid ingrijpt, is zijn stellige overtuiging.

Walker heeft de afgelopen vierenhalf jaar gewerkt aan zijn boek, Why We Sleep, een complex maar belangrijk werk, waarin wordt ingezoomd op de gevolgen van deze epidemie, vanuit het idee dat mensen, zodra ze zich eenmaal bewust zijn van de sterke relatie tussen slaapgebrek en onder andere Alzheimer, kanker, suikerziekte, overgewicht en geestelijke problemen, eerder hun best zullen doen om de acht uur slaap per nacht te halen (alles ónder de zeven uur wordt beschouwd als slaapgebrek, al zal dat de Donald Trumps van deze wereld nog zo ongeloofwaardig in de oren klinken). Maar er zijn grenzen aan wat je als individu kunt bewerkstelligen. Walker wil ook grote bedrijven en wetgevers overtuigen van zijn ideeën. ‘Geen enkel facet van ons lichamelijk functioneren is ongevoelig voor slaaptekort,’ zegt hij. ‘Het dringt door tot alle hoeken en gaten. En toch komt niemand in actie. Er zullen dingen moeten veranderen: op het werk en in de samenleving, thuis en in ons gezin. Maar is er ooit een voorlichtingscampagne geweest waarin mensen werden aangespoord om goed te slapen? Is er ooit een dokter geweest die geen slaappillen voorschreef, maar slaap? Het moet meer prioriteit krijgen, het moet gestimuleerd worden. Slaaptekort levert de Engelse economie een jaarlijks verlies op van dertig miljard pond, ofwel twee procent van het bruto nationaal product. Ik zou het budget voor gezondheidszorg kunnen verdubbelen als er maar een krachtig beleid zou worden gevoerd om slapen te stimuleren.’

Foto Pexels

Waarom hebben we eigenlijk zo’n groot slaaptekort? Wat is er de afgelopen vijfenzeventig jaar gebeurd? In 1942 probeerde minder dan acht procent van de bevolking het te doen met zes uur slaap per nacht, of minder; in 2017 geldt dat voor bijna een op de twee mensen. De redenen lijken nogal voor de hand te liggen. ‘Ten eerste hebben we de nacht van stroom voorzien,’ zegt Walker. ‘Licht is zeer ondermijnend voor de slaap. Ten tweede is er het werk: niet alleen de poreuze randen van de werkdag, maar ook een langere reistijd. Niemand wil tijd voor zijn gezin of voor leuke dingen inleveren, dus wordt er slaap ingeleverd. Angst speelt ook een rol. Als maatschappij zijn we eenzamer, gedeprimeerder. Alcohol en cafeïne zijn ruim voorhanden. Allemaal vijanden van de slaap.’

Maar Walker is er ook van overtuigd dat in de westerse wereld slaap wordt geassocieerd met zwakte, om niet te zeggen schaamte. ‘We hebben slaap gestigmatiseerd, we hebben er het etiket lui op geplakt. We willen de boodschap uitzenden dat we druk zijn, en een manier om dat duidelijk te maken is door te benadrukken dat we weinig slapen. Het is een soort onderscheidingsteken. Als ik een lezing geef, blijven er na afloop soms mensen wel drie kwartier hangen, tot iedereen weg is, en dan zeggen ze zachtjes tegen me: “Het lijkt erop dat ik zo iemand ben die acht of negen uur slaap nodig heeft.” Het is gênant om dat in het openbaar te zeggen. Liever blijven ze drie kwartier wachten voordat ze dit opbiechten. Ze zijn ervan overtuigd dat ze abnormaal zijn, en geef ze eens ongelijk. We bekritiseren mensen die veel zouden slapen, terwijl het uiteindelijk gewoon om een toereikend aantal uren gaat. We beschouwen ze als luiwammesen. Niemand zal ooit, bij het zien van een slapende baby, zeggen: “Wat een luie baby!” We weten dat slaap voor een baby onontbeerlijk is. Maar dat idee laten we snel los [wanneer we ouder worden]. Mensen zijn de enige dieren die zichzelf om onduidelijke redenen bewust slaap ontzeggen.’ Voor wie het zich mocht afvragen: het aantal mensen dat met vijf uur slaap of minder toe kan zonder daar nadelige gevolgen van te ondervinden, uitgedrukt in percentages van de totale bevolking, en afgerond op hele getallen, is nul.

De wereld van de slaapwetenschap is betrekkelijk klein. Maar hij maakt een exponentiële groei door, zowel door de vraag (de veelsoortige en toenemende druk als gevolg van de epidemie) als door de nieuwe technologie (zoals elektronische en magnetische hersenstimulatoren) die onderzoekers ‘VIP-toegang’ tot het slapende brein verlenen, om de woorden van Walker te gebruiken.  Walker, vierenveertig jaar en geboren in Liverpool, is al meer dan twintig jaar werkzaam op dit terrein en heeft zijn eerste onderzoek gepubliceerd toen hij nog maar net eenentwintig was. ‘Ik zou met alle plezier zeggen dat ik al vanaf mijn kindertijd geïnteresseerd was in verschillende stadia van bewustzijn,’ zegt hij. ‘Maar als ik eerlijk ben, was het een kwestie van toeval.’ Hij ging medicijnen studeren in Nottingham. Maar hij kwam er al snel achter dat hij geen arts moest worden – hij was meer geïnteresseerd in vragen dan in antwoorden – en hij stapte over op de neurowetenschap. Na zijn studie begon hij aan een promotie in de neurofysiologie, ondersteund door het Medical Research Council. Tijdens zijn promotieonderzoek stuitte hij op het domein van de slaap.

‘Ik onderzocht hersengolfpatronen van mensen met verschillende vormen van dementie, maar ik slaagde er maar niet in verschillen te vinden,’ zegt hij over die tijd. Tot hij op een nacht een wetenschappelijk artikel las waardoor alles veranderde. Het artikel beschreef welke delen van de hersenen door verschillende vormen van dementie worden aangetast: ‘Sommige vormen tasten delen van de hersenen aan die verband houden met gecontroleerde slaap, terwijl andere vormen die slaapcentra ongemoeid laten. Ik begreep wat ik fout deed. Ik had de hersenactiviteit van mijn patiënten gemeten terwijl ze wakker waren, maar ik had dat moeten doen terwijl ze sliepen.’ In de zes maanden die volgden stortte Walker zich op het opzetten van een slaaplaboratorium en ja hoor, de gegevens die hij vervolgens registreerde lieten een duidelijk verschil zien tussen de patiënten. Slaap, zo leek het, zou weleens een nieuwe diagnostische lakmoesproef voor bepaalde subtypen dementie kunnen zijn.

Vanaf dat moment was hij geobsedeerd door slaap. ‘Pas toen vroeg ik me af: wat is slaap eigenlijk, en wat doet het met ons? Ik was altijd al nieuwsgierig, op het irritante af, maar toen ik me in slapen begon te verdiepen, kon ik zo uren en uren verder zijn. Niemand had een antwoord op de simpele vraag: waarom slapen we? Voor mij was dat misschien wel het grootste wetenschappelijke raadsel. Ik zou het antwoord vinden, en wel binnen twee jaar. Maar ik was naïef. Ik had me niet gerealiseerd dat enkele van de grootste wetenschappers ter wereld hun hele carrière lang hetzelfde hadden geprobeerd. Dat was twintig jaar geleden, en ik ben er nog altijd niet uit.’ Na zijn promotie verhuist hij naar Amerika. Na eerst hoogleraar psychiatrie te zijn geweest aan Harvard Medical School, is hij nu hoogleraar neurowetenschap en psychologie aan de University of California.

Neemt hij zijn obsessie mee naar de slaapkamer? Neemt hij zijn eigen slaapadvies ter harte? ‘Ja. Ik gun mezelf steevast de ruimte om acht uur per nacht te slapen, en ik hou zeer regelmatige tijden aan: als ik mensen één advies mag geven, dan is het om elke dag op dezelfde tijd naar bed te gaan en op dezelfde tijd op te staan, ongeacht de situatie. Ik neem slapen ongekend serieus omdat ik de feiten ken. Zodra je eenmaal weet dat na een nacht van slechts vier of vijf uur slaap het aantal natuurlijke killercellen – de cellen die de kankercellen aanvallen die dagelijks in je lichaam opduiken – met zeventig procent afneemt, of dat slaapgebrek in verband wordt gebracht met zowel darmkanker als prostaat- en borstkanker, of dat de Wereldgezondheidsorganisatie heeft gezegd dat elke vorm van nachtdienst vermoedelijk kankerverwekkend is, kun je toch ook moeilijk anders meer?’

Maar ook bij Walker gaat het weleens mis. Mochten zijn oogleden niet dichtvallen, dan kan hij een beetje Woody-Allen-achtig neurotisch worden, geeft hij zelf toe. Toen hij van de zomer bijvoorbeeld naar Londen ging, lag hij om twee uur ’s nachts klaarwakker en met een jetlag in zijn hotelkamer. Zijn probleem op dat moment, en eigenlijk altijd in vergelijkbare situaties, is dat hij te veel weet. Hij begon te malen. ‘Ik dacht: mijn orexine-productie is niet tot stilstand gekomen, mijn thalamus laat nog volop zintuiglijke prikkels door naar mijn hersenschors, mijn dorsolaterale prefrontale cortex is volop actief, en mijn melatoninepiek laat nog zeven uur op zich wachten.’ Wat heeft hij toen gedaan? Uiteindelijk blijken topslaapwetenschappers ook maar gewoon mensen, wanneer ze last hebben van slapeloosheid. Hij heeft het licht aan gedaan en een boek gepakt.

Verband met ziekten

Zal Why We Sleep in brede kring aanslaan, zoals de auteur hoopt? Ik betwijfel het: het valt niet te ontkennen dat de wetenschappelijke stukken de nodige concentratie vereisen. Maar ik kan wel zeggen dat het op mij een sterke uitwerking had. Na lezing was ik vastberaden om eerder naar bed te gaan – een regime waar ik ook echt aan vasthoud. In zekere zin kwam dat niet als een verrassing. Ik heb Walker een paar maanden geleden voor het eerst ontmoet, toen hij sprak op een bijeenkomst in Somerset House in Londen. Hij kwam me meteen al voor als een gedreven en overtuigend man (ons latere interview vindt plaats via Skype, vanuit de kelder van zijn ‘slaapcentrum,’ een plek met diverse slaapkamers aan een lange gang, een opzet die doet denken aan de vleugel van een privé-kliniek. Maar in zekere zin kwam het ook wél als een verrassing. Ik ben overal het algemeen niet erg ontvankelijk voor medische adviezen. Ik hoor altijd een stemmetje, ergens in mijn achterhoofd: ‘geniet van het leven, zolang het kan.’

Maar de feiten die Walker aandraagt zijn zo overtuigend dat je zou verwachten dat iedereen na lezing vroeg onder de wol kruipt. In feite is het helemaal geen keuze. Zonder slaap zijn we futloos en worden we ziek. Met slaap zijn we vitaal en gezond. Uit meer dan twintig groots opgezette epidemiologische studies blijkt telkens hetzelfde heldere verband: hoe korter je nachtrust, hoe korter je leven. Om een voorbeeld te noemen: volwassenen van boven de vijfenveertig die minder dan zes uur per nacht slapen hebben twee keer zoveel kans om tijdens hun leven een hartaanval of een beroerte te krijgen dan mensen die zeven of acht uur per nacht slapen (dit heeft deels te maken met de bloeddruk: al na één nacht niet al te best slapen gaat de hartslag omhoog, uur na uur, en zien we een significante stijging van de bloeddruk.)

Slaapgebrek lijkt ook de manier in de war te schoppen waarop het lichaam heel doeltreffend de bloedsuikerspiegel in balans houdt. De cellen van mensen met slaapgebrek blijken in experimenten minder goed te reageren op insuline, wat kan leiden tot een prediabetische staat van hyperglykemie. Wie weinig slaapt, loopt ook nog eens een groot risico om te dik te worden. Een van de redenen hiervoor is dat te weinig slaap zorgt voor een daling van de hoeveelheid leptine – een hormoon dat het verzadigingsgevoel regelt – terwijl de hoeveelheid ghreline – het hormoon dat het hongergevoel geeft – juist stijgt. ‘Je hoort mij niet zeggen dat de overgewichtepidemie enkel en alleen is te wijten aan de slaapgebrekepidemie,’ zegt Walker. ‘Dat is niet het geval. Maar de toename van obesitas valt niet enkel en alleen te verklaren uit voorbewerkt voedsel en ons zittende bestaan. Er moet nog een schakel zijn. Inmiddels is duidelijk geworden dat slapen de derde factor is.’ Vermoeidheid ondermijnt natuurlijk ook de motivatie.

Slaap heeft een krachtige uitwerking op het immuunsysteem. Het is niet voor niets dat, wanneer we een griepje voelen opkomen, ons eerste instinct is om in bed te kruipen. Ons lichaam probeert zichzelf beter te laten slapen. Een nacht slecht slapen en je veerkracht neemt danig af. Als je moe bent, zul je eerder kouvatten. Wie goed is uitgerust, is ook beter bestand tegen het griepvirus. Zoals Walker al eerder heeft opgemerkt: nog veel ernstiger is het feit dat onderzoek heeft aangetoond dat een korte nachtrust invloed kan hebben op onze immuuncellen, die de strijd aangaan met kankercellen. Verschillende epidemiologische studies hebben aangetoond dat nachtdiensten en de daaruitvolgende verstoring van het slaap-waakritme de kans vergroten op verschillende soorten kanker, waaronder maag-, prostaat-, baarmoederslijmvlies- en karteldarmkanker.

Wie over zijn hele volwassen leven te weinig slaapt, heeft een beduidend grotere kans om Alzheimer te krijgen. De redenen daarvoor laten zich lastig samenvatten, maar kort gezegd heeft het te maken met amyloïd-afzettingen (een giftig eiwit) die zich verzamelen in de hersenen van mensen die aan de ziekte leiden, en die de omliggende cellen doden. Tijdens de diepe slaap worden dergelijke afzettingen in de hersenen opgeruimd. Wat er bij een alzheimerpatiënt gebeurt, is een soort vicieuze cirkel. Zonder voldoende slaap groeien deze afzettingen steeds verder aan, met name in de delen van de hersenen die zorgen voor de diepe slaap. Die delen worden aangevallen en aangetast. Door het gebrek aan slaap dat deze aanvallen in de hand werken, verliezen we het vermogen om ze ’s nachts uit de hersenen te verwijderen. Meer amyloïd, minder diepe slaap; minder diepe slaap, meer amyloïd, enzovoorts. (In zijn boek merkt Walker ‘onwetenschappelijk’ op dat hij het altijd opmerkelijk heeft gevonden dat zowel Margaret Thatcher als Ronald Reagan, die er beiden prat op gingen zo weinig slaap nodig te hebben, uiteindelijk allebei de ziekte hebben gekregen. Voorts is het een fabeltje dat oudere mensen minder slaap nodig hebben.) Nog even los van dementie: slaap versterkt ons vermogen om nieuwe herinneringen aan te maken, en het herstelt ons vermogen tot leren.

Dan zijn er nog de effecten van slaap op de geestelijke gezondheid. Moeders die zeggen dat een nachtje slapen wonderen doet, hebben groot gelijk. In Walkers boek staat ook een uitgebreid hoofdstuk over dromen (waarvan Walker, anders dan Freud, zegt dat ze niet geanalyseerd kunnen worden). Hij belicht hier de verschillende manieren waarop de droomtoestand is gelieerd aan creativiteit. Hij oppert ook dat dromen een heilzame werking kunnen hebben. Als we slapen om ons dingen te kunnen herinneren (zie boven), dan slapen we ook om te vergeten. De diepe slaap – het stadium waarin we beginnen te dromen – is een therapeutische toestand waarin we onze ervaringen ontdoen van hun emotionele lading, waardoor we er makkelijker mee kunnen omgaan. Slaap, of een tekort aan slaap, heeft ook invloed op onze algehele stemming. Walker heeft hersenscans gemaakt waaruit bleek dat de reactiviteit van de amygdala – een cruciale plek voor het triggeren van woede en razernij – met zestig procent toeneemt bij slaaptekort. Bij kinderen wordt slapeloosheid in verband gebracht met agressie en pesten; bij volwassenen met zelfmoordgedachten. Onvoldoende slaap wordt ook in verband gebracht met een terugval bij verslavingsproblematiek. Een wijdverspreide opvatting binnen de psychiatrie is dat geestelijke stoornissen tot slaapstoornissen leiden. Maar volgens Walker werkt het twee kanten op. Regelmatig slapen kan heilzaam zijn voor, bijvoorbeeld, mensen met een bipolaire stoornis.

Slaapcycli

In deze (al te korte) samenvatting heb ik een paar keer de term diepe slaap gebruikt. Wat is dat precies? We slapen in cycli van anderhalf uur, en pas aan het einde van zo’n cyclus komen we in een diepe slaap. Elke cyclus bestaat uit twee soorten slaap. Ten eerste is er de NREM-slaap (non-rapid eye movement); deze wordt gevolgd door de REM-slaap (rapid eye movement). Zodra Walker over deze cycli begint, die nog altijd vele geheimen in zich dragen, verandert zijn stem. Hij klinkt betoverd, haast bedwelmd.

‘Tijdens de NREM-slaap vindt er een ongelooflijk gesynchroniseerd patroon van ritmisch chantenplaats in het brein,’ zegt hij. ‘Er is een opmerkelijke synchroniteit over het hele oppervlak van het brein – als een diep, traag mantra. Wetenschappers hebben ooit ten onrechte aangenomen dat deze toestand vergelijkbaar zou zijn met een coma. Maar niets is minder waar. Er worden enorme hoeveelheden herinneringen verwerkt. Om die hersengolven te produceren zingen honderdduizenden cellen samen, waarna ze weer stilvallen, en dat keer op keer op keer. Ondertussen zakken je hersenen weg naar een aangenaam laag energieniveau, het beste bloeddrukmedicijn dat er bestaat. De REM-slaap daarentegen wordt ook wel de paradoxale slaap genoemd, omdat de patronen in je hersenen identiek zijn aan wanneer je wakker bent. Het is een ongelooflijk actieve toestand van je brein. Je hart en zenuwstelstel vertonen echte pieken, waarbij ze driftig in de weer zijn: we weten nog niet helemaal waarom.

Betekent die cyclus van anderhalf uur dat de zogeheten powernaps zinloos zijn? ‘Ze kunnen de scherpe randjes eraf halen wanneer iemand slecht slaapt. Maar je hebt anderhalf nodig om tot diepe slaap te komen, en één cyclus is niet genoeg voor alles wat er moet gebeuren. Je hebt vier tot vijf cycli nodig om er optimaal baat bij te hebben.’

Is het mogelijk om te veel te slapen? Dat is onduidelijk. ‘Op het moment zijn er geen duidelijke bewijzen. Maar ik denk dat veertien uur te veel is. Aan te veel water kun je overlijden, net als aan te veel eten, en ik denk dat uiteindelijk voor slapen hetzelfde zal gelden.’ Hoe weet je of iemand aan slaapgebrek leidt? Walker zegt dat we op onze intuïtie moeten afgaan. Mensen die doorslapen nadat de wekker is afgegaan, krijgen domweg onvoldoende slaap. Hetzelfde geldt voor mensen die ’s middags cafeïne nodig hebben om wakker te blijven. ‘Ik zie het overal om me heen,’ zegt hij. ‘Ik stap aan boord van een vliegtuig, om tien uur ’s ochtends, wanneer iedereen superscherp zou moeten zijn. Maar als ik om me heen kijk, is de helft van de passagiers vrijwel meteen in slaap gevallen.’

Er zijn verschillende apparaatjes om slaap in kaart te brengen, en in Amerika hebben een paar bedrijven met een vooruitziende blik besloten hun medewerkers vrije dagen te geven wanneer ze voldoende slapen. Slaappillen zijn overigens taboe. Die hebben onder andere een negatief effect op het geheugen. Mensen die zich richten op de zogeheten ‘zuivere slaap’ zijn vastbesloten om mobieltjes en computers uit de slaapkamer te weren – en terecht, gezien het effect van LED-licht op de aanmaak van melatonine, het hormoon dat slaap opwekt. Walker is van mening dat de technologie uiteindelijk de redding zal betekenen van onze slaap. ‘In industriële landen zullen we een revolutie zien op het gebied van het zogeheten self tracking,’ zegt hij. ‘Er komt een moment dat we ons lichaam van dag tot dag in kaart kunnen brengen, tot in de kleinste details. Dat zal een aardverschuiving teweegbrengen, en dan zullen we methoden gaan ontwikkelen om bepaalde componenten van de menselijke slaap te versterken, vanuit ons bed. Slaap zal de status krijgen van een preventief medicijn.’

Welke vragen wil Walker nog het liefst beantwoord zien? Hij is even stil. ‘Het is ontzettend moeilijk,’ verzucht hij. ‘Er zijn nog zoveel vragen. Ik wil nog altijd graag weten waar we, zowel in psychologisch als fysiologisch opzicht, naartoe gaan wanneer we dromen. Dromen is de tweede toestand van het menselijk bewustzijn, en tot nog toe hebben we maar een heel klein tipje van de sluier weten op te lichten. Ik zou er ook graag achter komen wanneer de slaap is ontstaan. Ik zou graag een krankzinnige theorie willen poneren, en wel deze: misschien heeft slaap zich niet geëvolueerd. Misschien is slapen wel de toestand waaruit waken is ontstaan.’ Hij lacht. ‘Als ik een soort medische tijdmachine had en dat zou kunnen onderzoeken, dan zou ik ’s nachts misschien beter slapen.’

 

Vital10 en KPN verbeteren de zorg voor hartpatiënten door het versnellen van de diagnose

Amsterdam – KPN en Vital10 gaan een samenwerking aan op het gebied van zorg op afstand. Door de veilige zorgverbindingen van KPN en de expertise van Vital10 is het mogelijk om op afstand begeleiding te krijgen van een cardioloog waardoor hartpatiënten beter en sneller kunnen worden geholpen. De samenwerking past in het streven van beide partijen om met innovatieve ICT de kwaliteit van de zorg te verbeteren tegen lagere kosten en met meer regie voor de patiënt. Lees meer in Persbericht KPN & Vital10

Met Benefit een goede leefstijl leren en volhouden!

Een goede leefstijl aanleren is één ding, maar een goede leefstijl volhouden, is een heel ander verhaal. Het e-health leefstijlprogramma Benefit wil haar deelnemers de goede leefstijl minstens één jaar laten volhouden. In september ging dit programma van start. Uiteindelijk moet het landelijk toegankelijk worden. Lees meer.

Internist Sabine Pinedo in het lifestylemagazine van De Hart&Vaatgroep over E-Health en haar missie: ‘De zorg naar de patient brengen, en niet andersom’.

Vital10 in SBS samen sterk

Zou het niet heerlijk zijn om met een dokter of leefstijlcoach te kunnen communiceren wanneer het jou uitkomt? Herken je ook de situatie in de spreekkamer waarbij de huisarts de informatie over jou niet heeft ontvangen van de specialist? Waarom sta je niet zelf aan het roer, beheer je niet je eigen dossier en bepaal je zelf wie er inzage mag hebben en wie niet?

Voor al deze situaties biedt vital10 een oplossing. U krijgt uw eigen persoonlijke gezondheidsportaal met een helder ‘dashboard’ dat uw gezondheidsfactoren overzichtelijk in kaart brengt en dat uitwisseling mogelijk maakt met ‘slimme monitoring technologie’. Roderik Kraaijenhagen, Cardioloog Vital10, vertelt in SBS6 ‘Samen Sterk’ (3 minuten durend filmpje) hoe je gezondheidsdoelen op kan stellen en deze ook te behalen met behulp van eCoaches en specialisten.

“Breng via e-health de zorg naar de patiënt!”

In een interview met DOQ geeft internist vasculair geneeskundige Sabine Pinedo (47 jaar) een toelichting op het gebruik van e-health in de steeds veranderende zorg voor patiënten met cardiologische en vasculaire problemen en vertelt ze tevens waarom de patiënt meer centraal moet komen te staan.

Sabine Pinedo werd geboren op Curaçao. Haar vader is een beroemd oncoloog, en haar moeder psychiater en haar man (Roderik Kraaijenhagen) een Cardioloog. Pinedo studeerde zelf geneeskunde in Amsterdam aan het AMC. Vervolgens werd ze internist (vasculair geneeskundige) binnen het AMC, maar had toen eigenlijk al besloten om later niet meer in het ziekenhuis te werken. Pinedo: “Tijdens een etentje onder de assistenten rees de vraag wie er van de internisten zichtbaar gelukkig was en genoot van het werk. We hadden met elkaar de grootste moeite om er een te noemen.” Mijn eigen invulling over de oorzaak van deze constatering was de bureaucratie, de stroperige innovatiemanagement en behoudende verandercultuur. Ik wist dat mijn carrière buiten het ziekenhuis lag.”

Richtlijnen
De zorg veranderde volgens Pinedo met de komst van de richtlijnen. “Grote groepen werden daarbij over een kam geschoren. De huidige trend richt zich meer op personalized medicine, daar heb ik grote affiniteit mee. De een reageert goed op een bepaald middel en een ander niet. Ook in de praktijk vind ik een persoonlijke aanpak belangrijk. Hoe meer de zorg aansluit op de persoonlijke situatie van de patiënt, hoe groter de kans op betrokkenheid en op het slagen van de therapie. Een patiënt zit 24 uur per dag in zijn eigen lichaam. Een geïnformeerde patiënt kan signalen duiden en kan door adequate informatieoverdracht op het juiste moment de arts helpen bij het nemen van de juiste beslissingen.”

E-health kan daarin volgens Pinedo faciliteren. “In 2002 kwam er een gevalideerd meetapparaat op de markt voor thuistesten. Ik liet destijds een platform bouwen waarbij een patiënt een onlinecursus doet over zijn aandoening, waarden door kan geven en altijd een dokter bij de hand heeft doordat hij kan communiceren via een chatfunctie.”

Hartrevalidatie
De online trombosedienst Trombovitaal heeft Pinedo in 2006 opgezet. Samen met haar man runt ze tevens het Cardiovitaal-programma dat hartrevalidatie in de buurt van de patiënt aanbiedt. “Wij leveren nu op meerdere locaties in het land de hartrevalidatie. Wij bieden de zorg in een glijbaanformule aan, steeds een beetje minder afhankelijkheid door het stimuleren van zelfredzaamheid maar wel tailormade. Patiënten krijgen daarvoor e-health apparatuur mee, zoals een Fitbit®, weegschaal en een bloeddrukmeter. Een Fitbit is een activiteitenmonitor waarbij de nieuwere versies ook de hartslag meten en het calorieënverbruik berekent. Wij hebben tevens een e-coach, die de patiënten aanstuurt om onder andere te blijven bewegen, af te vallen of om te stoppen met roken. Mensen krijgen via het portaal digitale oefeningen mee naar huis die gericht zijn op gezond bewegen en kunnen bij klachten via de e-chat en video bellen contact met ons opnemen. Dat werkt goed voor hartrevalidatie patiënten. Je brengt via e-health-toepassingen de zorg naar de patiënt.”

E-Health
Pinedo: E-health is niets anders dan zorg naar de patiënt brengen, ICT help hierbij en is slechts een middel en geen doel. “Binnen het ziekenhuis zijn de processen vaak niet ingericht voor de patiënt, het ICT-systeem is leidend. Daar moeten we echt vanaf. Voor ziekenhuizen is er nog veel te winnen. Ik heb wel makkelijk praten, omdat we kleinschalig begonnen zijn, maar wanneer je denkt vanuit de situatie van de patiënt gaat er een hele nieuwe wereld open, ICT kan dan een oplossing zijn voor een hobbel in een zorgpad.”

Pinedo vervolgt: Het gaat niet overal fout, maar het kan beter. Raadsleden moeten naar mijn idee meer vanuit de patiënt denken. Net als Marcel Levi (red. Ex AMC-topman en internist, die nu in London 5 ziekenhuizen runt), moeten er meer mensen in het bestuur van een ziekenhuis zitten die nog contact hebben met de patiënt.

Toekomst
“In de toekomst zullen er meer e-health applicaties komen. E-health moet naar mijn idee in het curriculum, het zou een vak moeten zijn, of zelfs een specialisme. De e-health arts. Ook de toekomstige gepensioneerde arts zou een aantal patiënten per week kunnen helpen. We hebben daarvoor overigens nog wat nieuwe projecten in de kinderschoenen, maar dat is voor een volgend interview.”

Internist/ondernemer Sabine Pinedo: ‘Dokter on demand voor elke patiënt’

“Nu blijkt dat mijn kanker niet is uitgezaaid, ga ik er vol voor”, zegt internist en ondernemer Sabine Pinedo. Door haar ziekte is ze nog vastberadener om haar droom waar te maken: zorg op maat bieden op het moment dat het de patiënt uitkomt. “Met alle technologie kán dat gewoon.”

Ze verontschuldigt zich als haar telefoon trilt. “Deze moet ik even nemen.” Sabine Pinedo (47) trekt zich terug in het voormalig postkantoor in Amsterdam-Zuid, waarin Arterium, het medisch centrum van Pinedo en haar echtgenoot, is gevestigd. Als ze vijf minuten later terugkomt, is ze opgewekt. Ze vertelt in grote lijnen het bijzondere verhaal van een van haar patiënten. Vele artsen bezocht, tegenstrijdige diagnoses, mogelijk verwisselde scans. Pinedo heeft zeker vier uur aan het dossier gezeten en zelfs verslagen uit de jaren zestig doorgeworsteld.
Maar na haar gesprek met de radioloog van zojuist, is de puzzel eindelijk opgelost. “Als je ziet wat het mij financieel oplevert, dan kan dit
niet uit. Maar dat geeft niet. Liever één patiënt voor wie ik het verschil maak, dan twintig handshakes op een dag en me afvragen: wat heb
ik nou werkelijk betekend vandaag?

Hier spreekt de dokter in haar, niet de ondernemer, die Pinedo wel degelijk óók is. Al vroeg in de geneeskundeopleiding weet ze dat ze later niet in een ziekenhuis wil werken. “Ik ben liever een slaaf van mezelf, dan van een ander. Ik heb geen zin om naar de pijpen van een raad van bestuur te dansen.” Op de opleiding ontmoet ze iemand die er net zo over denkt, Roderik Kraaijenhagen, nu haar man én compagnon.
“Hij koos voor cardiologie. Ik dacht: als ik iets aanpalends ga doen, dan kunnen we later samen een winkeltje beginnen. Het werd vasculaire geneeskunde, destijds een nieuw specialisme.”
Pinedo begint haar loopbaan bij een cardiologiekliniek in Amsterdam, het oudste ZBC van Nederland, waar Kraaijenhagen dan al werkt.
Binnen dat centrum start ze een internistische poli. Naast die poli lanceert ze in 2007 TromboVitaal, een online trombosedienst. “Er waren toen 53 trombosediensten in Nederland, allemaal eilandjes. Met andere ketenpartners, zoals huisarts en wijkverpleegkundige, hadden ze nauwelijks contact en trombosepatiënten wisten zelf weinig van hun aandoening af.” Pinedo’s oplossing: een e-healthportaal waar patiënten e-learnings volgen over trombose en antistolling, waarin ze hun waarden bijhouden en via een beveiligde chat altijd een dokter kunnen consulteren.
Tegenwoordig heeft TromboVitaal meerdere typen gebruikers: patiënten die zelf thuis prikken en hun waarden doorgeven, maar ook huisartsen, praktijkondersteuners en wijkverpleegkundigen die het portaal gebruiken voor patiënten. Bij de start in 2007 richt TromboVitaal zich echter alleen op die eerste groep, op zelfmanagementpatiënten. “De bestaande trombosedienstenwaren daar niet blij mee. Ik kreeg bergen kritiek over me heen. ‘TromboVitaal deugt niet. Jullie halen de krenten uit de pap.’ Dat was moeilijk. Mijn vader zei: ‘Waarom doe je dit jezelf aan? Ga in een ziekenhuis werken.’ Maar ik wilde die patiënten helpen en hun vrijheid teruggeven. Door TromboVitaal hoeven zij niet meer regelmatig naar de trombosedienst.
Bovendien hebben we daardoor echt de tijd voor patiënten die wel een bezoek nodig hebben.” En Pinedo wil gewoon eigen baas blijven. “In dat opzicht ben ik anders dan mijn vader, die altijd loyaal is gebleven aan de VU.”

Haar vader, Bob Pinedo, kankerspecialist van wereldfaam, is de grondlegger van het VUmc Cancer Center. Van zijn vijf kinderen is Sabine
de enige die in zijn voetsporen treedt en in de zorg belandt. “Ik zag hoe nodig mijn vader was. Voor patiënten, partners, gezinnen. Zoals ze
over hem spraken, zo vol lof; ik wilde hetzelfde voor hen betekenen.” In haar studietijd heeft Pinedo weleens ‘last’ van haar achternaam. Ze herinnert zich nog goed hoe ze op de afdeling kindergeneeskunde met vijf co-assistenten rondom een patiënt stond. “Vier jongens en ik. De kinderoncoloog richtte zich tot die jongens en liet mij volledig links liggen. Een week later stond ik naast hem in de lift. Inmiddels droeg ik een naamplaatje. Hij keek me aan: ‘Pinedo? Dochter van?’ Ineens was hij ontzettend geïnteresseerd. Ik vond dat heel vervelend.”

Zelfde passie en gedrevenheid

Vader en dochter Pinedo lijken in veel opzichten op elkaar. “Patiënten die zowel bij mijn vader als bij mij zijn geweest, zien gelijkenissen. Dat zit ’m in het ‘mensch-gevoel’. Aandacht en tijd voor de patiënt. We hebben dezelfde passie en gedrevenheid; de puzzel moet opgelost worden. Laatst had ik een patiënt met bloedarmoede. In het ziekenhuis wilden ze een beenmergpunctie doen. Maar op zijn medicatielijst stonden tien soorten medicijnen. Door in zijn medicatie- en voorgeschiedenis te duiken en extra vragen te stellen, kwam ik achter een tijdsrelatie tussen het ontstaan van de labafwijking en het starten van een medicament. De patiënt was huiverig om de bloeddrukmedicatie te stoppen, maar het stelde hem gerust dat we zijn bloeddruk op afstand konden monitoren en zo nodig direct contact konden hebben.
Het blijkt zó vaak dat klachten door medicatie komen. Ook in dit geval.”

Er zijn een paar verschillen tussen de vader, die dit jaar zijn 50-jarig jubileum als praktiserend arts viert, en de dochter. “Mijn vader is vooral van de wetenschap en ik vaar met name op mijn pluis/niet-pluisgevoel.” En waar de balans tussen werk en privé bij vader Pinedo doorslaat naar werk, zijn levenswerk, daar hecht zijn dochter ook erg aan privé. “Als je samen een onderneming hebt, dan gaat het daar thuis vaak over. Maar ik waak er wel voor. Zeg geregeld: ‘Roderik, nu de computer weg.’” De scheiding van haar ouders houdt ze in haar achterhoofd. Die scheiding heeft ook invloed op de keuzes die ze maakt. “Mijn moeder was psychiater. Toen zij ging promoveren, ging het thuis niet zo goed. Daarom heb ik dat bewust overgeslagen. Ik heb een man en drie kinderen. Die vind ik belangrijker dan promoveren. Mijn vader was vroeger niet vaak thuis. Ik wilde net als hij arts worden, maar wel mijn eigen tijd indelen. Mede daarom ben ik ondernemer geworden.”

Stok achter de deur

In 2011 besluit Pinedo met haar internistische poli voor zichzelf te beginnen. “Ik had inmiddels een patiëntenbestand opgebouwd, maar als startend ZBC natuurlijk niet direct contracten met verzekeraars. Elke MRI of CT-scan die ik aanvroeg, moest ik uit eigen zak betalen.” Naast haar poli, TromboVitaal, en CardioVitaal, een blended care-hartrevalidatieprogramma opgericht en gerund door Kraaijenhagen, introduceert Pinedo met haar man in 2015 nog een online concept. In patiëntportaal Vital10 kunnen gebruikers de tien belangrijkste risicofactoren, volgens de WHO verantwoordelijk voor 70 procent van de ziektelast in de westerse wereld, meten en onder controle houden. Dit onder begeleiding van een arts of e-coach. “Huisartsen en praktijkondersteuners hebben in de huidige ‘vinkcultuur’ weinig tijd”, zegt Pinedo. “Ze leggen uit waarom iemand moet stoppen met roken, maar buiten steekt diegene weer een sigaret op. Of ze adviseren om meer te bewegen. ‘Ja, ga ik doen’, zegt iedereen. Ik weet van mezelf: dat komt er vaak niet van. Elke dag sta ik op en denk ik: nu ga ik sporten. Maar er zijn altijd andere prioriteiten. Onze kinderen zeggen: practice what you preach. Daar hebben ze gelijk in. Maar net als de meeste mensen heb ik een stok achter de deur nodig.”

Vanaf 1 juni wordt aan Vital10 een puntenspaarsysteem gekoppeld. Dit project heet Benefit. “We willen gedragsverandering belonen”, legt Pinedo uit. “De deelnemers, patiënten met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, krijgen individueel adviezen van de e-coach. Als ze gezonde leefstijlkeuzes maken, verdienen ze punten, die ze kunnen inwisselen voor producten. In de toekomst zou het mooi zijn als men punten kan sparen voor korting op de zorgverzekering.” Aan Benefit doen tien academische centra, zeventien revalidatiecentra en ziekenhuizen en honderden huisartsen mee. Ze hebben een subsidie van 2,5 miljoen euro gekregen van de Hartstichting en ZonMw om het puntensysteem in vijf jaar neer te zetten. Daarna moet het zichzelf bedruipen. Ondertussen is Pinedo’s internistische poli geen vetpot, ook al heeft ze al enkele jaren contracten met verschillende verzekeraars. “Ik ontvang veel patiënten met onbegrepen klachten.
Zij kosten veel tijd, maar de tijd nemen, wordt gek genoeg niet vergoed. Toch wil ik op deze manier blijven werken. Daarnaast blijven we zoeken naar nieuwe mogelijkheden. Naar ‘probleemkindjes’ bij de huisarts, zoals nierproblematiek, waar we met behulp van e-health-toepassingen van toegevoegde waarde kunnen zijn.”

Ziekenhuis als garage

Pinedo is overtuigd van de meerwaarde van e-health. “Sommige mensen zeggen: internet is onpersoonlijk. Maar online contact kan zo waardevol zijn. Bijvoorbeeld voor een patiëntdie er na een ziekenhuisbezoek thuis achter komt dat hij een belangrijke vraag niet heeft gesteld. Die patiënt wil niet weken wachten tot het volgende consult voordat hij antwoordkrijgt.” Zelf heeft Pinedo dat de afgelopen jaren als patiënt ervaren. Als bij haar zus eierstokkanker wordt geconstateerd, vraagt Sabine de radioloog die echo’s maakt in haar ZBC, om haar even te onderzoeken. Hij ontdekt een kwaadaardige tumor van ruim 10 cm in haar nier. De tumor heeft niets met eierstokkanker te maken, maar Pinedo blijkt wel drager van het gen dat de kans op borst- en eierstokkanker vergroot. Ze ondergaat in die periode meerdere operaties. “Toen ik me op een avond ineens enorme zorgen maakte over een wond, stuurde ik de chirurg een foto. Hij antwoordde direct: ‘Ik snap je zorgen, maar het komt goed.’ Die geruststelling was zó fijn. Vanuit mijn positie heb ik de kans om zo contact te hebben, maar ik zou willen dat elke patiënt die mogelijkheid heeft. Een dokter on demand. Nu blijkt dat mijn kanker niet is uitgezaaid, ga ik er vol voor. Ik wil op grote schaal voor elke patiënt zorg op maat bieden op het moment dat het de patiënt uitkomt. Dat is een droom. En met alle technologische mogelijkheden kán dat tegenwoordig gewoon.”

Door die techniek zal de zorg de komende jaren veranderen. Volgens Pinedo zijn zelfmanagement en begeleiding op afstand straks de standaard. “Een bezoek aan de dokter zal alleen bij verslechtering nodig zijn. Het ziekenhuis zal ‘de garage’ zijn voor noodgevallen, complexe
ingrepen en geavanceerde onderzoeken. Door deze ontwikkelingen zal de zorg toegankelijker worden. Iedereen kan laagdrempelig een arts consulteren.” Ze wijst op het Vital10-portaal.
“De patiënt heeft altijd een dokter bij de hand: een lijfarts voor iedereen.”
Pinedo is positief over de toekomst van de zorg. Maar als haar 15-jarige zoon vertelt dat hij later dokter wil worden, is zijn moeder toch
niet meteen enthousiast. “Mijn vader wel”, zegt Pinedo. “Die was heel blij. Zelf heb ik getwijfeld of ik het mijn zoon moet aanraden, omdat het arts-zijn, ons vak, zo enorm verandert. Maar als kind van deze tijd ziet hij de ‘nieuwe medische wereld’ juist heel erg zitten.”

Zie voor het originele artikel: Artikel arts en auto

Digitale spaarpunten stimuleren goed gedrag

Sabine Pinedo en echtgenoot Roderik Kraaijenhagen willen met hun e-health-project Benefit de leefstijl van hun patiënten verbeteren. © Mats van Solingen

Hoe kun je patiënten met hart- en vaatziekten prikkelen hun goede gedrag vol te houden? Volg ze digitaal en beloon ze met tastbare cadeautjes. E-health-organisatie Vital10, opgericht door internist Sabine Pinedo en cardioloog Roderik Kraaijenhagen, krijgt subsidie om dit Benefit-concept uit te bouwen.

Het was vorige week e-health-week. Eigenlijk een beetje een gek fenomeen, e-health-week, zegt internist Sabine Pinedo. ‘Hoezo moet je dat benaderen als iets afzonderlijks, alsof het losstaat van de gewone zorg?’ Voor Pinedo en echtgenoot Roderik Kraaijenhagen is e-health al jaren verweven in de manier van werken zoals ze die voorstaan. Pinedo: ‘Het zou gewoon in de zorg geïntegreerd moeten zijn. Regelmatig lees ik stukken die betrekking hebben op e-health en dan denk ik: dat doen wij al.’

Kijk hoe ze het doen in hun zelfstandig behandelcentrum, zegt cardioloog Kraaijenhagen. ‘We kunnen dankzij e-health de zorg precies zo inrichten als we willen en denken dat nodig is. Patiënten voor wie een persoonlijk consult niet vereist is, kunnen we op afstand volgen. Daarmee maken we ruimte vrij voor patiënten die meer tijd nodig hebben en die we zo langer kunnen zien.’ Pinedo: ‘Een consult duurt bij mij een halfuur of een uur voor bijvoorbeeld een 85-jarige patiënte met meerdere klachten.’

Ze omschrijft e-health dan ook liever als: zorg naar de patiënt brengen. De meerwaarde daarvan merkte Pinedo toen ze in 2014 zelf ziek werd, ze kreeg nierkanker. ‘Toen ik een paar keer geopereerd werd, maakte ik me weleens zorgen over een wond. Ik maakte een foto van de wond en stuurde deze op naar mijn behandelend arts, en hoewel het al ’s avonds laat was kreeg ik meteen antwoord. Dat vond ik zó fijn, dan kun je als patiënt gerust de nacht in. Ik realiseerde me: deze behandeling is een voorrecht. Maar ik wil heel graag dat meer mensen dit voorrecht krijgen: makkelijk en snel contact met de arts.’

Leefstijl

Vanuit het door Pinedo en Kraaijenhagen opgerichte medisch centrum Arterium in Amsterdam-Zuid bieden ze verschillende programma’s aan voor herstellende of chronische patiënten, waarin e-health een nadrukkelijke rol speel. ‘Een proeftuin’, noemt Pinedo het. De onlinetrombosedienst Trombovitaal heeft Pinedo in 2007 opgezet en telt inmiddels duizenden gebruikers. Met hun onlineplatform (het Health ePortal) ondersteunen ze ook het Cardiovitaal-programma dat hartrevalidatie aanbiedt, bedoeld voor de 120 dagen na een hartoperatie, een opname voor hartritmestoornis, of een andere cardiologische behandeling. Kraaijenhagen: ‘Op hun persoonlijk portaal geef je mensen inzicht in hun eigen status. Pinedo vult aan: ‘Vaak worden patiënten overvallen door de informatie die ze krijgen na een uitslag. In dat portaal kunnen ze on demand opzoeken, of een vraag stellen.’

Met de arts is het mogelijk om face-to-facecontact te hebben, vergelijkbaar met Skype, maar dan goed beveiligd.’ Met klem zegt Kraaijenhagen dat ze alleen met ‘heel goede ICT-partijen’ werken.

In de afgelopen zes jaar zijn er meer dan zevenduizend patiënten met behulp van e-health behandeld. En nu gaan ze een level hoger, om in digitale termen te blijven. ‘Ook ná het nazorgtraject van 120 dagen, is het belangrijk dat iemand verder zelf aan de slag gaat om vitaal te worden en te blijven. Wat relevant is in dit alles, is leefstijl’, zegt Kraaijenhagen. In hun e-health-proeftuin hebben ze afgelopen jaar Vital10 gelanceerd. Door middel van het onlineplatform kunnen deelnemers met een digitale coach en digitale arts werken aan gezondheidsdoelen en hun leefstijl blijvend verbeteren. De beïnvloedbare factoren zijn de tien factoren die terugkomen in de naam Vital10: onder meer eetgewoonten, cholesterol, roken en bloeddruk. De deelnemers kunnen verschillende gezondheidsapps gebruiken, die gekoppeld zijn aan het Health ePortal. Op basis daarvan geeft de e-coach of e-arts feedback.

En nu is Vital10 opgenomen in een volgend project: Benefit. De Hartstichting en ZonMw hebben vorige week bekendgemaakt 2,5 miljoen euro subsidie toe te kennen aan Benefit. De Universiteit Leiden, het Leids Universitair Medisch Centrum en Vital10 zijn hierbij de trekkers van een groot publiek-privaat consortium.

Het hoofdidee achter Benefit is om gedragsverandering te belonen. De deelnemers, in dit geval patiënten met (een verhoogd risico op) hart- en vaatziekten, krijgen individuele leefstijlcoaching en verdienen bonuspunten als ze ‘gezonde keuzes’ maken. Een gezonde keuze kan zijn: naar de sportschool, of een onlinecursus volgen, maar het kan ook zijn: familie of vrienden erbij betrekken.

Deze bonuspunten kunnen ze inwisselen voor (culturele) uitjes of korting bij winkelketens. In de toekomst zou korting op de eigen bijdrage van de zorgverzekering interessant zijn. Vanuit de Universiteit Leiden zijn medisch psycholoog Veronica Janssen en hoogleraar gezondheidspsychologie Andrea Evers erbij betrokken. De laatste is projectleider van een onderzoek naar gezonde leefstijl bij hart- en vaatpatiënten: kun je inderdaad patiënten met beloningen stimuleren om gezonder te leven? Volgens de onderzoekers is het project geslaagd als twee op de drie deelnemers het volhouden: niet roken, voldoende bewegen en gezond eten.

Kleine stapjes

Wat Kraaijenhagen en Pinedo hebben opgestoken van hun eerdere e-health-ervaringen, passen ze toe. ‘De meeste mensen vinden het fijn om inzicht te krijgen in hun dossier en informatie te kunnen zien. Ze willen de uitslag wel weten, maar wat ze vooral willen weten is: Wat nu? Wat moet ik ermee? Ze willen een terugkoppeling over de dingen waarop ze zelf invloed kunnen uitoefenen. Kortetermijndoelen zijn het beste. Denk maar aan stoppen met roken. Wat mensen vaak over de streep helpt om te stoppen, is niet de langetermijngezondheidswinst maar ‘frisse adem’ en ‘betere huid’. ‘De meeste mensen gaan aan de slag met informatie die ze krijgen over bloeddruk, glucose, voedingsgewoonten.’ Kleine stapjes zijn belangrijk, zegt Pinedo. ‘De weg naar het doel toe is net zo belangrijk als het doel zelf. Dat willen we waarderen met het geven van punten in het loyaliteitsprogramma.’

Benefit gaat 1 juni ‘live’. Pinedo en Kraaijenhagen zijn blij met de subsidie van de Hartstichting en ZonMw, waardoor het systeem de komende vijf jaar goed kan worden neergezet. ‘Maar in de toekomst moet het zichzelf gaan bedruipen.’

Ze zien een functie weggelegd voor bedrijven, maar kiezen zelf niet voor zomaar elk bedrijf. Kraaijenhagen: ‘In onze code of conduct hebben we vastgelegd met welke partijen we wel en niet willen samenwerken.’ Het zorgbedrijf werkt vanuit de uitgangspunten van maatschappelijk verantwoord ondernemen, verduidelijkt Pinedo: ‘Ik ben geïnspireerd door bedrijven als Tony Chocolonely. We houden onze ecologische footprint in de gaten. En bij de keuze van de marktpartijen en partners kijken we ook in hoeverre zij milieubewust produceren en hoe ze hun werknemers behandelen. Dat alles past, net zoals e-health, bij de zorg zoals wij die voorstaan.’

E-health-week: miljoen voor innovatieve zorgideeën

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid) stelt 1 miljoen euro beschikbaar voor onderzoek naar het toepassen van veelbelovende en vernieuwende initiatieven in de organisatie van en toegang tot zorg. Dat maakte zij bekend op de afsluiting van de nationale e-health-week 2017. Bij deze speciale week waren 235 verschillende organisaties betrokken om bekendheid te geven aan e-health en de mogelijkheden die het biedt.

Schippers: ‘Onze zorg staat bol van de creatieve en inspirerende initiatieven. Mensen hebben de mooiste ideeën, maar de slag naar onderzoek wordt vaak niet gemaakt. Werkt uw idee echt in de dagelijkse praktijk? Voorziet het in een behoefte? Wat is er nodig om een innovatie ook in andere organisaties succesvol te maken?’ Met het geld dat Schippers beschikbaar stelt, wil ze het onderzoek ‘een zet in de goede richting’ geven. Dit voorjaar zal ZonMw een oproep plaatsen, waarna organisaties hun aanvraag kunnen indienen.